28 november 2013
kikker_CVT0339

In dit artikel neem ik je mee in de wereld van diafragma en de vele mogelijkheden die het spelen met deze techniek biedt.

Naast sluitertijd en lichtgevoeligheid (ISO-waarde) is het diafragma één van de drie belangrijkste onderdelen van de camera. Hiermee kun je beïnvloeden hoe een foto er uit komt te zien. Het diafragma is het onderdeel van de camera dat bepaalt hoeveel licht de sensor bereikt.

Scherptediepte

Het diafragma bepaalt hoeveel scherptediepte er in een foto komt. Door te spelen met de diafragma waarde krijg je een volledig onscherpe achtergrond (vanaf 2.8 en lager) of juist, een volledig scherpe achtergrond(bij de meeste lenzen 22 en in sommige gevallen nog hoger). Dit geeft meteen de mogelijkheden aan om tot creatieve fotografie te komen.

Het diafragma werkt in stappen, elke stap(stop) heeft een halvering van het licht tot gevolg, en heeft een directe relatie met de sluitertijd. Als je het diafragma kleiner maakt (minder licht), moet je om dezelfde belichting van het onderwerp te krijgen de sluitertijd verlengen. Laat het diafragma meer licht door dan moet de sluitertijd worden verkleind om dezelfde belichting te krijgen. Zo heb je de mogelijkheid om te kiezen voor een bepaalde scherptediepte in een opname.

edelhert_CVT6591

Diafragma f/5.6 – belichting 1/80 sec – statief – ISO 400 – beperkt scherpte/diepte contrast

Stop meer/minder

Een stop naar rechts betekent een halvering van de hoeveelheid licht die op de sensor valt. Een stop naar links is een verdubbeling van de hoeveelheid licht die op de sensor valt. Het diafragma één stop kleiner maken, bijvoorbeeld van 2.8 naar 4, betekent dat je de sluitertijd één stap langer moet instellen om dezelfde hoeveelheid licht op de sensor te laten vallen. Zie ook de voorbeelden met hun instellingen.

De keuze van diafragma wordt bepaald door de lens. Bij diafragma 2.8 wordt gesproken van een lichtsterke lens(vaak de duurdere lenzen). Het maximum van een lens kan verschillen van 22 tot soms weleens 64.

Professionele camera’s hebben een schaal met kleinere stappen tot zelfs 1/3 stop. Om een hele stop te springen moet het diafragma dan 3 plekken naar links of rechts. Voor 1/3 is gekozen, omdat de ISO lichtgevoeligheid ook met 1/3 stops gaat.

Hoeveel scherptediepte je kunt bereiken wordt mede bepaald door de aanwezige hoeveelheid licht. Hoe hoger het diafragmagetal, hoe meer scherp in beeld zal zijn.

entree_CVT1291

Diafragma f/22 – belichting 1 sec – statief – ISO 100 – alles scherp

Wanneer je met diafragma 22 wilt fotograferen om het beeld van voor tot achter scherp te hebben, zal je zien dat bij donkere omstandigheden(schemering) snel een lange sluitertijd nodig is en dat een statief dan onontbeerlijk is. Dit is ook de reden waarom bij fotografie in de natuur bijna altijd met een statief gewerkt moet worden. De omstandigheden die daar interessant zijn(zoals bij de foto van de edelherten) is meestal een omgeving met weinig licht.

Persoonlijk fotografeer ik nagenoeg altijd met een diafragma voorkeursinstelling. Ik als maker van het beeld bepaal zelf welk gedeelte scherp, of niet scherp, moet zijn op de uiteindelijke foto. Meer weten over Diafragma of over Fotografie in het algemeen? Ik help je graag verder!

ziekenhuis_CVT9488

Diafragma f/16 – belichting 1/ 2,5 sec – statief – ISO 200 – bijna alles scherp

Voorwaarden Disclaimer Privacyverklaring
Sluiten